Type and press Enter.

Persoonlijke blog: Sri Lanka, heel veel curry en een nieuwe liefde

Sri Lanka… al na een dag ben ik verliefd op dit prachtige land, het heerlijke eten en de lieve mensen. Om 23:10 land ik op het vliegveld in Colombo en ik kom uiteindelijk om 1:30 in mijn hostel in Negombo aan, een iets kleinere stad in de buurt van Colombo. Aangezien zowel Colombo als Negombo niet de leukste en veiligste steden zijn, reis ik de volgende dag direct richting het zuiden van Sri Lanka. In de buurt van mijn hostel zit een treinstation en – omdat het me wel eens leuk lijkt om met de trein te gaan – besluit ik hier een kijkje te gaan nemen. De vriendelijke Sri Lankaan die bij het treinstation werkt vertelt me dat de trein die ik moet hebben net is vertrokken en, omdat het zaterdag is, vertrekt de volgende trein pas over een uur. Helemaal niet erg, want een uur lang klets ik gezellig met de jongen van het treinstation – genaamd Sumadu –, die een 28 jarige Sri Lankaan blijkt te zijn die zijn relaxte baan als ticketverkoper eigenlijk wel heel leuk vindt. Ik vind het ontzettend interessant om meer te weten te komen over zijn leven in Sri Lanka. Ook kan hij me duidelijk uitleggen welke trein ik precies moet hebben. Sumadu vertelt me dat ik op het station van Colombo over moet stappen. Ik heb hier maar 10 minuten de tijd voor en op welk perron ik moet zijn is nog niet bekend, maar Sumadu heeft er al het vertrouwen in dat het goed komt. Ach ja, we zien het wel. De treinreis vind ik in ieder geval fantastisch. Alle ramen en deuren staan open, dus half uit de trein hangend geniet ik van het prachtige landschap van Sri Lanka. In de trein zit ik naast een ontzettend lieve, gepensioneerde Sri Lankaanse man, die me alles vertelt over Sri Lanka, zijn 2 kinderen en de kleinzoon waar hij zo ontzettend trots op is. De man – met een Portugese naam die ik ben vergeten – is onderweg naar een feestje, maar hij is zo lief om een trein later richting zijn bestemming nemen, zodat hij mij kan helpen met mijn overstap op Colombo. En die hulp blijkt best van pas te komen, want op het station van Colombo is het enorm hectisch. Alle mensen rennen de nog rijdende trein in om een zitplek te kunnen bemachtigen en met een backpack van 60 liter op je rug, wurm je je daar niet al te gemakkelijk tussen. Gelukkig heeft mijn nieuwe vriend een zit plaatsje voor me vrijgehouden, zodat ik de laatste twee uur van mijn treinreis in ieder geval niet hoef te staan. De treinreis was dus een heerlijke ervaring en ook nog eens goedkoop; voor de rit van zo’n 150 kilometer heb ik uiteindelijk €0,80 betaald.

Rond 18:00 kom ik aan in het stadje Galle. Sri Lanka is ooit een Nederlandse kolonie geweest en in de 17de eeuw bouwde de Nederlandse VOC hun fort in Galle. Galle Fort – dat inmiddels door UNESCO uitgeroepen is tot World Heritage Site – is nu een stadje met veel leuke winkeltjes, restaurants en mooie bezienswaardigheden. Ik kom tegelijkertijd in mijn hostel aan met de Spaanse backpacker Manel, en we blijken tevens de enige gasten in het hostel te zijn. We gaan die avond gezellig nog een hapje eten en verkennen de volgende dag Galle Fort. Het stadje is vrij Westers en het voelt hier helemaal niet alsof ik in Azië ben. Halverwege de middag wordt mijn aandacht getrokken door een bord dat luidt: ‘Dutch Apple Pie’. Dat kan ik als liefhebber van toetjes en taart natuurlijk niet negeren! In het winkeltje ontmoet ik Lotus, een van origine Sri Lankaanse dame die op haar 2de door een Nederlands stel is geadopteerd. Ze heeft heel haar leven in Nederland gewoond, maar heeft de afgelopen 3 jaar in Sri Lanka een nieuw bestaan opgebouwd. Onder het genot van een kop thee en natuurlijk een stuk appeltaart, kletsen we over mijn werelreis en haar leven in Sri Lanka. Ook geeft ze me tips voor leuke stranden en restaurantjes in het zuiden van Sri Lanka.

Na Galle reis ik met de bus verder richting de zuidkust van Sri Lanka. Het reizen met de bus vind ik overigens ook geweldig. Ik heb totaal geen idee hoe het werkt, maar er komt altijd vanzelf wel een bus langs die de goede richting uitgaat en waar je – terwijl hij nog half rijdt – zo snel mogelijk in moet springen. Heel anders dan ik tot nu toe heb meegemaakt in Azie, maar ik vind het heerlijk om in zo’n bus vol locals te zitten. Er wordt luide Sri Lankaanse muziek gedraaid, er hangen kitscherige gordijntjes en er zijn lampjes in alle kleuren van de regenboog aan het flikkeren. De locals hier spreken – vergeleken met andere Aziatische landen – allemaal heel goed Engels en ik vind het leuk om aanspraak met hen te hebben. Ik heb van te voren niet al te veel positieve verhalen gelezen van solo reizende vrouwen in Sri Lanka, maar persoonlijk vind ik de mensen juist heel lief en vriendelijk.

Mijn eerste bestemming langs de zuidkust van Sri Lanka is Mirissa. Ik blijf hier maar 1 nachtje slapen, want de volgende dag vertrek ik naar Weligama, wat schijnbaar één van de beste plekken is om te leren surfen. De sfeer langs de zuidkust is ontzettend fijn. Het is er een beetje hipster – het aantal zaakjes met yoga, smoothiebowls en avocado op toast is gigantisch en het aantal mensen dat vegan eet is nog veel erger – maar ik kan echt genieten van het strandleven en de relaxte sfeer. Eenmaal aangekomen in Weligama boek ik direct een surf les voor de volgende ochtend. En die surf les is LEUK. Ik heb altijd al een liefde gehad voor het strand en de zee en op een surfplank geniet ik hier alleen maar meer van. Bij de eerste golf ga ik natuurlijk direct onderuit, maar bij de tweede golf lukt het me al om te staan en een stukje te surfen. Wat een gaaf gevoel is dat! De dagen in Weligama zijn fijn en ontspannen. Rond 6:30 word ik wakker en ga ik een stukje hardlopen over het strand. Vervolgens eet ik mijn ontbijt, heb ik een surf les of ga ik zelf surfen. De middagen spendeer ik met mensen uit mijn hostel op het strand, waar ik geniet van een goed boek en van de zonsondergang aan het einde van de dag. In de avond eten we heerlijke Sri Lankaanse curries en drinken we nog gezellig een drankje. Vooral met Sasha, een meisje uit Oekraine, kan ik het heel goed vinden. We zijn beiden beginnende surfers, dus doen we samen wat heldhaftige pogingen om rechtop op de surfplank te blijven staan.

Na Weligama reis ik weer een stukje terug naar het westen van Sri Lanka. Aan de kust ligt hier het kleine plaatsje Ahangama, wat ook erg geschikt schijnt zijn voor beginnende surfers. Ik verblijf in een onwijs tof hostel, waar zo’n beetje alle backpackers langer blijven hanger dan gepland. Ook ik heb moeite om er weg te komen. Ik blijf nachtjes bijboeken en verblijf uiteindelijk een week in Ahangama. De sfeer in het hostel is fijn, ik ontmoet leuke mensen en ik hoef maar de straat over te steken om op het strand te komen. Ik ga elke dag zeker 2 keer surfen – in de ochtend en rond 17:00 – en merk al snel dat ik er ook echt beter in word. Uiteindelijk sta ik zelfs veel vaker rechtop dan dat ik op m’n gezicht ga! Wel is dat surfen echt dodelijk vermoeiend; ik kan er niks aan doen dat ik elke middag op het strand even in slaap sukkel en ook als ik ’s avonds m’n bed induik val ik als een blok in slaap. Honger krijg je er ook van, maar gelukkig heeft het nabijgelegen restaurant Mama’s een fantastisch currybuffet, waar je voor €2,- zoveel van mag eten als je kunt. De dagen in Ahangama zijn simpel, maar zo fijn! Ik voel me echt op m’n plek. En hoe heerlijk is het dat ik alle vrijheid heb om hier zo lang te blijven hangen als ik wil?

Ik besluit om na Ahangama nog naar één kustplaatsje in het zuiden te gaan, voor ik meer van de natuur en cultuur van Sri Lanka wil gaan zien. Dit plaatsje wordt Hiriketiya, wat al net zo’n fijne plek blijkt te zijn als Ahangama. Er liggen prachtige stranden in de buurt, je kunt er erg goed surfen en er hangt een relaxte sfeer. Ik heb een heel fijn hostel, waar ’s ochtends smoothiebowls worden geserveerd voor het ontbijt, de meest heerlijke broden worden gebakken en waarmee we ’s avonds gezamenlijk gaan eten en feesten op het strand. Ook hier zou ik nog lang kunnen blijven, maar na 4 nachten Hiriketiya besluit ik toch om de busrit van zo’n 5 uur naar Ella te maken, een bergdorpje in het midden van het land. Hoewel het contrast met de paradijselijke stranden in het zuiden ontzettend groot is, vind ik ook Ella direct al fantastsich. De omgeving is ontzettend groen en je kunt er enkele gave hikes maken. Zo maak ik de klim naar de top van Ella Rock en hike ik naar Little Adam’s Peak. Ook bezoek ik de koloniale Nine Arches Bridge, waar ik de Duitse Julia ontmoet. We besluiten heel spontaan diezelfde avond een kookcursus te volgen. Met uitzicht op de bergen van Ella maken we 7 overheerlijke curries en 3 bijgerechten. Het is een ontzettend gezellige en natuurlijk ook smaakvolle avond! Met Julia maak ik ook het eerste deel van de wereldberoemde treinreis van Ella naar Kandy. De treinreis is werkelijk schitterend; op een rustig tempo hobbelt de trein tussen de hoge bergen en groene theeplantages van Sri Lanka. Alle deuren en ramen staan open, dus met m’n haren in de wind kan ik genieten van de prachtige uitzichten. Omdat de treinreis naar Kandy in totaal zo’n 7 uur duurt, maak ik een tussenstop in Nuwara Eliya. Ik heb hier afgesproken met Helena, een meisje uit Belgie die ik in Ahangama heb ontmoet en in mijn hostel in Ella weer tegen ben gekomen. Samen willen we verder reizen naar het noorden van Sri Lanka. Persoonlijk vind ik dit erg fijn; tot nu toe heb ik altijd maar een paar dagen opgetrokken met de mensen die ik in Sri Lanka heb ontmoet, omdat iedereen zoveel verschillende plannen heeft. Op zich niet erg, maar je leert mensen wat oppervlakkiger kennen en soms kan het ook wel eens fijn zijn om iemand beter te leren kennen en meer met elkaar te delen.

Helena en ik blijven 2 nachten in Nuwara Eliya slapen. Ook hier is de omgeving wonderbaarlijk mooi! Met de scooter rijden we tussen de groene theeplantages door, waar we de vrouwelijke theeplukkers aan het werk zien. Ik kan er zo erg van genieten om in het zonnetje rond te toeren, geen doel of bestemming te hebben, maar gewoon van de prachtige natuur te genieten. We verblijven in een heel huiselijk hostel, waar we ’s avonds met alle backpackers rond het kampvuur zitten, spelletjes spelen en thee drinken om warm te blijven. Omdat Nuwara Eliya hoger in de bergen ligt, is het er een stukje koeler. Het voordeel hiervan is dat het koud genoeg is om aardbeien te kweken, het nadeel is dat het ’s avonds afkoelt naar zo’n 10 °C. Gelukkig reizen we na Nuwara Eliya weer verder naar warmere oorden. Vanaf Nuwara Eliya starten we het laatste deel van de treinreis van Ella naar Kandy. We hebben geluk, want we kunnen op de ochtend zelf nog een gereserveerde stoel bemachtigen. Nog 4 uur lang mogen we, hangend uit de trein, genieten van de prachtige natuur in Sri Lanka.

We blijven 1 nachtje in Kandy slapen om bij te komen van de treinreis, maar omdat de stad niet echt bijzonder is, reizen we de dag erna meteen verder naar Sigiriya. Dit is slechts een klein stadje, maar we komen hier vooral voor de mooie natuur. Het voelt bijna weer als vroeger kamperen in Frankrijk, want Helena en ik slapen met z’n tweeën in een klein opgooitentje. Lekker knus en lekker goedkoop! We huren een fiets om de omgeving te verkennen, spotten tientallen wilde apen en vogels en beklimmen de Pidurangala rots. Hoewel ik echt van de mooie omgeving geniet, heb ik het toch wat zwaarder in Sigiriya. Ik merk dat ik heimwee heb – een gevoel dat tot nu toe nog totaal onbekend geweest is voor mij – en dat ik sterk verlang naar de mensen en de veiligheid van thuis. Mijn visum voor Sri Lanka verloopt al bijna en ik maak de overweging om misschien voor korte tijd naar huis te gaan en daarna weer verder te reizen. Ik bel veel met het thuisfront, praat met hen over de opties die ik heb en neem de tijd om rustig over alles na te denken. Wat ook fijn is, is dat ik een aantal andere backpackers ontmoet die eveneens al langer op reis zijn en mijn gevoelens herkennen. Na een paar dagen merk ik dat het sterke gevoel van heimwee minder wordt en ik de zin om verder te reizen weer helemaal terug vind. Toch moet ik nog altijd kiezen wat mijn volgende bestemming wordt. Al heel lang spelen Myanmar en de Filipijnen als mogelijke bestemmingen door mijn hoofd, maar toch merk ik dat ik van beiden op dit moment niet 100% overtuigd ben. Echter komt er langzaam een derde optie in beeld: India, het land dat ik 6 jaar geleden ook al geweldig vond. Door de wisselende verhalen die ik van andere backpackers hoor en de slechte reputatie die het land heeft op het gebied van solo reizende vrouwen, heb ik India voorheen niet echt als een optie gezien. Echter ontmoet ik Kristina in Anuradhapura, het volgende stadje waar ik met Helena heen reis, die er 4 maanden heeft rondgereisd en me direct weet te overtuigen. Ik doe wat meer research naar India en ben meteen dolenthousiast: dit wordt ‘m! Ik vraag mijn visum aan en deze wordt de volgende ochtend al goedgekeurd. Ik kan dus meteen mijn vliegticket boeken. Lekker impulsief weer, maar ik heb er zoveel zin in!

In Anuradhapura heb ik dus enige tijd besteed aan het plannen van mijn reis, maar natuurlijk hebben we ook de stad verkend. Anuradhapura is de oude hoofdstad van Sri Lanka en is daarom volgebouwd met tempels en enorme stoepa´s. Helena en ik hebben een fiets gehuurd om al deze tempels in de historische stad te bezoeken. Ik vond het vooral bijzonder om te zien hoe de locals – allemaal in het wit gekleed – met heel de familie naar de tempels komen om te bidden, wierook af te steken en bloemen te brengen aan de goden. Ook hebben we tijdens zonsondergang de heilige bergtop Mihintale bezocht. Hier is het boeddhisme in Sri Lanka begonnen en het is daarom één van de belangrijkste bedevaartsplaatsen voor boeddhisten in Sri Lanka. Mihintale is een ontzettend vredige plek en het is heel mooi en bijzonder om vanaf hier naar de zonsondergang te kijken.

Mijn tijd in Anuradhapura is erg fijn. Ik merk dat ik, nadat ik heb besloten om naar India te gaan, weer ontzettend veel zin heb om verder te reizen. Ook het hostel waar ik verblijf – dat heel terecht ‘Feel Like Home Hostel’ heet – is erg gezellig. We spelen elke avond spelletjes met de familie van het hostel en de andere backpackers, en regelmatig haalt of maakt de familie lekker eten voor ons. Ondanks dat we de stad Anuradhapura in één dag al helemaal gezien hebben, blijf ik hier toch 3 nachten slapen en sluit ik mijn reis door Sri Lanka heel fijn af. Met de bus reis ik terug naar Negombo, het startpunt van mijn reis, om daar één nachtje te blijven slapen en de volgende dag fris en fruitig op het vliegtuig te stappen. Ik krijg van een tuktuk chauffeur een gratis ritje aangeboden naar het busstation in Anuradhapura en hij brengt me zelfs naar een wat verder gelegen busstation, zodat ik zeker ben van een zit plek tijdens de 4 uur durende reis. Dit is overigens al de derde keer dat ik een gratis tuktuk ritje aangeboden krijg en hoewel ik – natuurlijk toch op mijn hoede – altijd denk dat er misschien een addertje onder het gras zit, is dit niet zo. Nee, de mensen zijn hier gewoon écht zo lief en aardig! Sri Lanka, de mensen, de natuur en het eten hebben mijn hart gestolen.

Het reizen zet me veel aan het denken en tijdens mijn rondreis door Sri Lanka realiseerde ik me dat ik eigenlijk best wel trots op mezelf mag zijn. Het alleen reizen, alles plannen en uitzoeken hoe het allemaal werkt, dat ik vind ik totaal niet spannend. Daar hebben we Google voor en als ik het niet weet, dan vraag ik het wel. Maar telkens weer alleen naar een hostel gaan – met de angst dat ik misschien niemand leer kennen – daarvoor moet ik toch continu uit mijn comfortzone stappen. Deze angst wordt steeds kleiner en kleiner, omdat ik merk dat ik eigenlijk altijd wel nieuwe vrienden maak. Toch weet ik dat ik dit een paar jaar geleden nooit gedaan zou hebben en is het voor mij best een prestatie dat ik keer op keer weer uit mijn veilige stulpje kruip. Natuurlijk voel ik me met momenten ook eenzaam, zou ik het liefste veilig thuis zijn en me laten omringen door familie en vrienden. Maar dat, heb ik gemerkt, heeft elke backpacker wel. Ik ben inmiddels ook al 4 maanden weg en het is dus niet gek om af en toe even te verlangen naar de veiligheid en geborgenheid van thuis. Soms vind ik het lastig dat ik leuke mensen ontmoet, daar een goede klik mee heb en er een paar dagen later weer afscheid van moet nemen. Dat blijft voor mij één van de lastigere dingen en zorgt ervoor dat ik me met momenten eenzaam voel. En dat gebeurt vooral, heb ik inmiddels gemerkt, als ik weer naar een nieuwe plek toe reis. Toch weet ik dat ik op deze manier mezelf steeds meer ontwikkel en mijn grenzen verleg.

Daarnaast heb ik ontdekt dat ik door het reizen heb geleerd om veel meer op mijn eigen gevoel te vertrouwen. Waar ik mijn keuzes eerst vooral met m’n hoofd maakte, probeer ik nu mijn gevoel te laten spreken en daarop mijn keuzes te baseren. En dat gaat verrassend goed. Ik doe gewoon wat ‘goed’ voelt. Thuis lukte me dit nooit en had ik er echt moeite mee om voor mezelf te kiezen. Nog zoiets waaraan ik kan merken dat ik door het solo reizen steeds meer persoonlijke groei doormaak. En dan het laatste wat me heeft verrast: het slapen in hostels verveelt me nog totaal niet. Thuis heb ik altijd behoefte aan m’n eigen plekje en wat tijd voor mezelf. Aangezien ik mijn slaapruimte hier altijd met nog 3, 5, 7 of 9 anderen deel, had ik verwacht dat die behoefte aan een eigen plekje inmiddels wel op zou spelen. Echter is dat totaal niet zo. Ik vind het wel prima en gezellig om op slaapzalen te liggen. Het went gewoon, denk ik, en ik ontmoet zo veel leuke mensen.

Al met al heeft ook mijn reis door Sri Lanka me veel gebracht. Nieuwe indrukken, nieuwe vrienden en nieuwe inzichten. Hoewel ik – dankzij de rijdende tuktuk bakkerijtjes – van mijn 30 dagen in Sri Lanka zo ongeveer 25 dagen het liedje ‘Für Elise’ in mijn hoofd heb gehad (degenen die ooit in Sri Lanka zijn geweest zullen ongetwijfeld weten wat ik bedoel), heb ik enorm genoten. Ik kijk er ontzettend naar uit om naar India te gaan en nog meer mooie dingen te zien en mee te maken!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.